Veilig afdalen | Racefiets

Artikel 1 van 1

Je bent de uitdaging aangegaan, je hebt die ene berg die je altijd al had willen bedwingen, overwonnen.
Nu kun je weer snel naar beneden freewheelen. Afdalen lijkt makkelijk, maar vereist wel volledige concentratie.

Goed uitgerust van start
Het kan verstandig zijn om na een uitputtende beklimming eerst even te herstellen, om wat fitter aan de afdaling te beginnen. Zeker als je op één dag een aantal cols wil bedwingen, is het nuttig om vóór de afdaling te eten en te drinken en niet pas ná de afdaling. Ook wordt aangeraden om, zeker in een afdaling, een bril te dragen. Daarmee kun je voorkomen dat door de wind de ogen overvloedig gaan tranen, waardoor het zicht minder wordt. Ook voorkom je dat er allerlei insecten in je ogen komen die kunnen leiden tot valpartijen.

Controle over je fiets
Ook al lijkt dalen gemakkelijk, het vereist wel volledige concentratie. Toch is ontspannen het toverwoord bij afdalen. Schakel naar een groot verzet. Plaats beide handen onderin de beugel met de vingers aan de remmen. Zo breng je het zwaartepunt zo laag mogelijk, waardoor je de middelpuntvliedende kracht in de bochten verkleint en de luchtweerstand beperkt. Kijk naar het punt waar je naar toe wilt, minstens 50 meter vooruit en observeer de staat van het wegdek, obstakels en het verkeer. Door op de rechte stukken lichtjes mee te trappen en daardoor druk op de pedalen te houden, heb je een betere controle over de fiets en bevorder je de stabiliteit en het herstel van de spieren.

Remmen
Rem vóór een bocht en niet of zo weinig mogelijk in de bocht. Voor een bocht rem je met beide remmen, maar meer op je voorwiel (80%) en minder op je achterwiel (20%). Als je te stevig remt op het achterwiel raak je in een slip. Als je te stevig remt op je voorwiel kun je over de kop slaan. Probeer dus goed te doseren. Plaats eventueel je gewicht achterop het zadel. Daal niet voortdurend met ‘slepende’ remmen, want dan worden de velgen bloedheet en loop je de kans op een klapband. Rem zoveel mogelijk pompend om oververhitting te voorkomen. Rem voor een bocht af en zorg ervoor dat bij het naderen van een (haarspeld)bocht het pedaal aan de binnenkant van de bocht omhoog staat en aan de buitenkant omlaag. Zo voorkom je dat het pedaal het wegdek raakt en je onderuit gaat. Snij de bocht ruim aan, van buiten naar binnen. Kijk in de bocht in principe naar de binnenbocht. Kijk je naar de buitenbocht, dan ga je automatisch ook die kant op. De bocht wordt dan veel ruimer dan nodig. Houdt daarbij druk op het buitenste pedaal en met de tegenoverliggende hand op het stuur. Bij het uitgaan van de bocht zet je weer aan.

Shimmyen
In een afdaling kan de fiets plotseling gaat zwabberen en is dan moeilijk onder controle te krijgen. Dat heet shimmyen. Daarbij komt de fiets bij een bepaalde snelheid in resonantie. Het beste is om daarbij de snelheid te verminderen door te remmen. Soms is het voldoende om het stuur stevig vast te pakken en een been tegen de bovenbuis te leggen. Dat zorgt voor meer demping, waardoor de trillingen kunnen verdwijnen. Ook door je houding te veranderen, kun je het shimmyen beïnvloeden.

Tot slot is het belangrijk om, in de euforie van de afdaling, je eigen vaardigheden goed in te schatten en daar naar te handelen.


Veiligheid staat voorop!
 

Bron: NTFU Nieuwsbrief, mei 2015 door Johan van Oosten.

© 2013 - 2020 Born to Succeed | sitemap | rss | webwinkel beginnen - powered by Mijnwebwinkel
Deze website maakt gebruik van cookies. Accepteren Meer informatie